De Sleutel Logo

STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



Trajectwerken in De Sleutel: in welke mate volgen cliënten de uitgestippelde paden? De ontwikkeling van een netwerkindicator

De aandacht voor de positie en inbedding van De Sleutel binnen het regionale netwerk of zorgcircuit is niet nieuw in de centra van De Sleutel. Op basis van identificeerbare verwijzers en verwijzingen trachten we ons reeds lange tijd een beeld te vormen van de partner-hulpverleners en de paden en trajecten van cliënten, zowel binnen als buiten het eigen netwerk.  

Vanuit de recent omschreven visie volgt de expliciete keuze om anno 2011 nog méér aandacht te besteden aan de trajecten van de cliënten. In onderstaand artikel trachten we dit hard te maken en geven we een aanzet tot het ontwikkelen van een indicator hieromtrent. 
 
Het chronisch aspect impliceert voor de hulpverlener dat hij in een traject werkt. De specifieke interventies van de modules sluiten tijdens het verloop van het proces aan op andere modules die door andere hulpverleners kunnen aangeboden worden (citaat uit de visietekst).

Uitgestippelde versus afgelegde trajectentrajectwerken

 Wanneer we spreken over trajecten is het van belang om een onderscheid te maken tussen enerzijds de trajecten die begeleiders uitstippelen in overleg met de cliënt (stippellijn in schema) en anderzijds de paden die de cliënt – al dan niet met advies – effectief aflegt (volle lijn in schema). De uitgestippelde trajecten lopen niet steeds gelijk met de afgelegde trajecten. De graad van overeenstemming tussen beide geeft ons een indicatie van de mate waarin we erin slagen om modules op elkaar te doen aansluiten en het trajectdenken daadwerkelijk te realiseren in de dagelijkse praktijk.

Om dit te evalueren hebben we niet alleen gegevens nodig over de uitgestippelde trajecten, maar uiteraard ook over de effectief afgelegde trajecten. Voor de afdelingsoverschrijdende trajecten binnen het eigen netwerk van De Sleutel kunnen we de mate van overeenstemming nagaan, terwijl we de trajecten die het eigen netwerk overschrijden niet kunnen verifiëren.

De ontwikkeling van de indicator ‘succesvolle verwijzingen’

Om de graad van overeenstemming tussen de uitgestippelde en effectief afgelegde paden in het eigen netwerk te evalueren, gaan we als volgt te werk.

Stap 1: In eerste instantie nemen we de uitgestippelde trajecten onder de loep door na te gaan welke cliënten door een afdeling van De Sleutel verwezen worden naar een andere afdeling van De Sleutel. We onderscheiden 4 types van centra binnen De Sleutel waarnaar verwezen kan worden: naar het crisiscentrum (CIC), naar een therapeutische gemeenschap (TG), naar het residentieel jongerenprogramma (RKJ) en naar een dagcentrum of antenne (DC).

Stap 2: Van deze uitgestippelde trajecten binnen het eigen netwerk gaan we na welke trajecten ook effectief gevolgd werden door de cliënt. Dit betekent dat de cliënt binnen een bepaalde tijdsspanne ook effectief in behandeling is of opgenomen wordt in het centrum waarnaar hij/zij verwezen werd.

Belangrijk is dat we bepaalde tijdslimieten in acht nemen:

-      Ambulant (DC): binnen maximaal 90 dagen na de doorverwijzing is de cliënt in behandeling.

-      Residentieel (TG en RKJ): binnen maximaal 30 dagen na de doorverwijzing is de cliënt opgenomen.

-      CIC: binnen maximaal 90 dagen na de doorverwijzing is de cliënt opgenomen. Omwille van het gebruik van een opnamelijst in het CIC hanteren we een ‘soepelere’ tijdslimiet.

Aandeel ‘succesvolle verwijzingen’ in 2008-2010

In onderstaande grafiek geven we het resultaat van deze oefening weer voor de periode 2008-2010. Concreet drukken we uit welk percentage van de uitgestippelde netwerktrajecten ook effectief gevolgd werd door de cliënt in de periode 2008-2010. In de grafiek geven we de indicator voor het geheel van De Sleutel alsook per type centrum.

Percentage succesvolle verwijzingensuccesvolle_verwijzingen

Uit de grafiek blijkt dat meer dan de helft van de cliënten (57% op 774) die binnen het eigen netwerk doorverwezen worden naar een ander centrum van De Sleutel dit uitgestippelde traject ook opvolgt binnen de vooropgestelde tijdslimiet. Dit impliceert dat we voor bijna 6 op 10 cliënten in De Sleutel erin slagen om het afdelingsoverschrijdende aanbod succesvol op elkaar af te stemmen.

Er zijn echter duidelijke verschillen naargelang het type centrum waarnaar verwezen wordt. De overeenstemming is het grootst bij een verwijzing naar de Therapeutische Gemeenschap: 3 op 4 cliënten die geadviseerd worden tot een opname in de TG worden binnen de maand effectief opgenomen. Een verwijzing naar het crisiscentrum of naar een dagcentrum wordt in ruim de helft van de gevallen (resp. 55% en 53%) opgevolgd, terwijl de afstemming met het RKJ momenteel het laagst scoort: bij ruim 1 op 3 jongeren wordt het advies voor opname effectief gerealiseerd. We benadrukken hierbij dat een lagere graad van overeenstemming niet impliceert dat het RKJ an sich niet-succesvol is. Het gaat erom dat de wederzijdse afstemming tussen het RKJ en de andere afdelingen voor verbetering vatbaar is en dat het lagere succes wellicht ook samenhangt met de specifieke doelgroep voor het RKJ.

Succesvolle verwijzingen naargelang het moment van verwijzing

verwijzing_naargelang_moment

Behalve het onderscheid naargelang het type centrum waarnaar verwezen wordt, is het ook relevant om na te gaan wanneer de kans op een succesvolle verwijzing het grootst is. Met andere woorden: is de succesgraad afhankelijk van het moment waarop verwezen wordt?

Met betrekking tot het moment van verwijzing maken we een onderscheid tussen:

- Een verwijzing bij het eerste contact: dit is een doorverwijzing op het ogenblik dat de cliënt zich aanmeldt of vlak na het eerste gesprek.

- Een verwijzing na uitgebreide screening: dit betekent dat de cliënt na het doorlopen van de module oriëntatie verwezen wordt naar een ander centrum van De Sleutel voor verdere begeleiding.

- Een verwijzing na ambulante begeleiding of residentiële opname: dit betekent dat geoordeeld wordt dat het begeleidingstraject –eventueel tijdelijk- beter in een ander centrum verdergezet wordt.

 Succesvolle verwijzingen naargelang het moment van verwijzing

Bovenstaande grafiek spreekt voor zich: een ‘prille’ verwijzing heeft het minst kans op succes. Bijna twee op drie cliënten die bij een aanmelding of eerste gesprek doorverwezen worden naar een ander centrum van De Sleutel volgt dit advies niet op en verdwijnt minstens voor even van de Sleutel-radar. Dit betekent niet perse dat de cliënt uit het hulpverleningscircuit verdwijnt. Uiteraard is het mogelijk dat de cliënt buiten De Sleutel verder begeleid wordt, maar dit kunnen we niet verifiëren.

Indien een cliënt verwezen wordt na het doorlopen van de module oriëntatie stijgt de kans op een succesvolle verwijzing tot meer dan 60%, terwijl de kans het grootst is (ruim 70%) indien de verwijzing gebeurt na begeleiding of opname. Met andere woorden: hoe “verder” in de behandeling, hoe meer kans op een succesvolle verwijzing.

Tot slot

Bovenstaand artikel vormt een aanzet tot het ontwikkelen van een netwerkindicator, die we in de toekomst verder wensen te verfijnen. Op basis van deze indicator willen we evalueren in welke mate we erin slagen het trajectdenken - zoals geformuleerd in de visietekst - om te zetten in de werkelijkheid. Het uiteindelijke doel is het optimaliseren van de afstemming in het eigen aanbod door de sterktes en zwaktes bij doorverwijzingen in het eigen netwerk in kaart te brengen.

Geert Lombaert (juni 2011)

Reageren kan via:

redactie@desleutel.be

 
 
 

filmpjeimage

Traject van een cliënt

Inschrijven E-zine

Invalid Input

Gelieve akkoord te gaan met onze privacy overeenkomst.
Bekijk de privacy voorwaarden.

Agenda

September
  • 8
    10:00 Zee-zeildag 2019

    Meer info over de "varen voor het goede doel" editie 2019 mag u hier binnenkort verwachten.

    Lees meer

    Link naar website o.m. met reacties van deelnemers van vorige edities.

Oktober
  • 7
    19:30 Dagcentrum Mechelen viert 25 jarig bestaan met Filmavond

    Dagcentrum Mechelen viert op maandag 7 oktober zijn 25-jarig bestaan met een filmavond. De viering wordt georganiseerd i.s.m. met het Filmhuis. Samen zetten we een parel van Gus Van Sant in de kijker: ‘Don’t Worry He Won’t Get Far On Foot.’ Een film die een mooi beeld schetst van een man in herstel. Hij maakt er het beste van, ondanks zijn beperkingen. Vooraf is er een receptie en om 20u30 vangt de film aan. Meer nieuws volgt!

  • Volledige agenda