De Sleutel Logo

STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



Het profiel van de cliënt in De Sleutel


Van de cliënten die zich tot De Sleutel wenden met een vraag naar behandeling worden een aantal gegevens verzameld en bijgehouden. Dit gebeurt eerst en vooral in functie van een aangepaste behandeling, op maat van het profiel en de hulpvraag van de cliënt. Daarnaast worden bepaalde cliëntgegevens verzameld om te voldoen aan het TDI-protocol. Hier treden epidemiologische doeleinden op het voorplan. In onderstaand artikel gaan we – aan de hand van de TDI - dieper in op het profiel van de cliënt in De Sleutel, anno 2011-2012 en staan we stil bij relevante verschillen tussen de types centra waartoe de cliënt zich wendt.

TDI

De TDI of Treatment Demand Indicator is een minimum-set van gestandaardiseerde gegevens die bevraagd worden in het kader van een eerste face-to-face contact. In 2011 en 2012 werden in De Sleutel bij respectievelijk 2512 en 2329 cliënten TDI-gegevens verzameld. Hiervan startte 82% een behandeling op in één van de ambulante dagcentra, 14% in het CIC, 2% in een TG en 2% in het RKJ.

Geslacht, leeftijd en nationaliteit

DSC 0837Vijf op zes cliënten (of 84%) die zich tot De Sleutel richten met een vraag naar behandeling zijn mannen. Tussen de centra van de Sleutel is er een duidelijk verschil: het CIC en de TG’s hebben een nog meer uitgesproken ‘mannelijke’ populatie (resp. 91% en 96%) dan de ambulante centra en het jongerenprogramma RKJ (resp. 83% en 75%). Twee op vijf cliënten (40%) is jonger dan 25 jaar. De gemiddelde leeftijd van de cliënt in De Sleutel is 28 jaar. In het CIC en de TG’s is de cliënt in behandeling gemiddeld iets ouder (nl. 30 jaar), terwijl het RKJ per definitie de jongste cliënten in behandeling heeft (gemiddeld 16 jaar). Van alle cliënten heeft 93% de Belgische nationaliteit. Van de niet-Belgen draagt 2 % een EU-nationaliteit en 5% de nationaliteit van een land buiten de Europese Unie. Niet-Belgen zijn in het CIC en de TG’s (telkens 5%) en het RKJ (0%) nog minder sterk vertegenwoordigd dan ambulant (8%).

Doorverwijzende instantie en behandelverleden

Het aandeel cliënten dat op eigen initiatief komt, bedraagt 29% in De Sleutel, terwijl 9% door familie of vrienden verwezen werd. De justitiële verwijzingen zijn met 32% zeer talrijk in De Sleutel. Doorverwijzingen door andere zorgverleners scoren lager: 14% vanuit de drughulpverlening, 7% vanwege ziekenhuizen, 7% uit welzijnsvoorzieningen en 2% door huisartsen. Tussen de centra van de Sleutel is er een opvallend verschil: het aandeel verwijzingen vanuit de drughulpverlening is veel omvangrijker in het crisiscentrum en de TG’s (resp. 43% en 62%), terwijl het omgekeerde geldt voor de verwijzingen door justitie (9% in CIC en 1% in TG versus 37% in de dagcentra en 38% in het RKJ). Belangrijk en relevant is het onderscheid tussen nieuwe cliënten en cliënten die reeds eerder in behandeling zijn geweest. Ruim 4 op 10 cliënten in De Sleutel (nl. 41%) is nog niet eerder in behandeling geweest voor problemen in verband met druggebruik en zijn dus nieuwe cliënten. De overige 59% zijn zogenaamd gekende cliënten, waarvan 39% reeds in De Sleutel  behandeld werd en 20% in een ander centrum. Ook hier zijn er grote verschillen tussen de centra onderling. De ambulante centra en het RKJ bereiken voor quasi de helft (resp. 48% en 45%) nieuwe cliënten terwijl in de TG’s en het CIC veeleer ‘gekende’ cliënten in behandeling komen (met respectievelijk ‘slechts' 3% en 6% nieuwe cliënten).

Opleidingsniveau en arbeidssituatie

Meer dan de helft van de cliëntenpopulatie in De Sleutel (55%) behaalde niet meer dan een diploma lager onderwijs, terwijl nauwelijks 4% hoger onderwijs heeft afgerond. Dit betekent dat een meerderheid van de cliënten het secundair onderwijs niet met succes heeft afgewerkt. Er zijn nauwelijks verschillen tussen de centra met betrekking tot het opleidingsniveau.

Ruim één op vier (27%) van de personen in behandeling in De Sleutel is tewerkgesteld. In de dagcentra (31%) is dit hoger dan in het CIC (10%) en de TG’s (0%). Eén op zes (17%) is student. Het RKJ scoort hier uiteraard het hoogst (100%) terwijl het aantal studenten in het CIC en de TG’s beperkt is tot respectievelijk 3% en 0%.

Voornaamste drug en spuitgedrag

Naast bovenstaande socio-demografische variabelen wordt in de TDI uiteraard ook ingegaan op een aantal druggerelateerde kenmerken; met name het voornaamste product dat aan de basis ligt van de vraag naar behandeling en het spuitgedrag zijn cruciale gegevens.

voornaamste productgroepen per type centrum

Met betrekking tot het voornaamste product stellen we vast dat cannabis met 42% de koploper vormt binnen de populatie van De Sleutel. Opiaten (voornamelijk heroïne) volgt op ruime afstand met 21%. Daarna volgen cocaïne (17%) en stimulantia (14%). Naargelang het centrum tekenen we zeer uiteenlopende profielen op in verband met het voornaamste product. De ambulante centra worden gekenmerkt door een sterk vertegenwoordigd ‘cannabiscliënteel’ (48%), terwijl de andere productgroepen min of meer op gelijke hoogte staan in de dagcentra van De Sleutel (17% cocaïne, 16% opiaten, en 14% stimulantia). Bij het RKJ is het belang van cannabis als belangrijkste product nog groter (80%). Het CIC-plaatje wijkt hier zeer sterk van af: opiaten vormt met 52% de absolute koploper. Cocaïne (19%), stimulantia (14%) en cannabis (slechts 9%) volgen op respectabele afstand. Ook in de TG’s vormt opiaten de belangrijkste productgroep (37%), gevolgd door stimulantia (27%) en cocaïne (21%).

Een kwart (24%) van de cliënten in De Sleutel heeft ooit drugs geïnjecteerd, waarvan een derde dit ook in de afgelopen 30 dagen heeft gedaan (8% recente spuiters). Ook hier zijn er duidelijke verschillen tussen de types centra. Binnen de ambulante centra is het aantal spuiters (18% ooit en 5% recent) veel kleiner, terwijl het CIC met 54% ooit- en 26% recente spuiters veel hoger scoort. In de TG’s heeft 68% van de cliënten ooit gespoten terwijl het RKJ met 3% ooit-spuiters het laagst scoort.

Lees ook "De Sleutel in het geheel van de Belgische RIZIV-geconventioneerde revalidatie-centra"

Lees ook "De bedoeling van Treatment Demand Indicator (TDI)"

Geert Lombaert (september 2013)

filmpjeimage

Traject van een cliënt

Inschrijven E-zine

Invalid Input

Gelieve akkoord te gaan met onze privacy overeenkomst.
Bekijk de privacy voorwaarden.

Agenda

September
  • 8
    10:00 Zee-zeildag 2019

    Meer info over de "varen voor het goede doel" editie 2019 mag u hier binnenkort verwachten.

    Lees meer

    Link naar website o.m. met reacties van deelnemers van vorige edities.

Oktober
  • 7
    19:30 Dagcentrum Mechelen viert 25 jarig bestaan met Filmavond

    Dagcentrum Mechelen viert op maandag 7 oktober zijn 25-jarig bestaan met een filmavond. De viering wordt georganiseerd i.s.m. met het Filmhuis. Samen zetten we een parel van Gus Van Sant in de kijker: ‘Don’t Worry He Won’t Get Far On Foot.’ Een film die een mooi beeld schetst van een man in herstel. Hij maakt er het beste van, ondanks zijn beperkingen. Vooraf is er een receptie en om 20u30 vangt de film aan. Meer nieuws volgt!

  • Volledige agenda