De Sleutel Logo

STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



Naar een herstelondersteunende verslavingszorg. Praktijk en beleid (bespreking)

Het boek “Naar een herstelondersteunende verslavingszorg” duidt het concept ‘herstel’ op basis van de ontwikkelingen in de literatuur en wilhulpverleners op het terrein concrete handvatten aanreiken. Hiervoor deden de auteurs Wouter Vanderplasschen  en Freya Vander Laenen een beroep op heel wat co-auteurs die in 15 hoofdstukken ingaan op een aantal theoretische concepten, situaties in ons omringende landen en toepassingen bij een aantal specifieke doelgroepen. Een bespreking.

Recovery of herstel, als een doelstelling van de behandeling van verslaafden, is een begrip dat steeds prominenter naar voor komt in de wetenschappelijke literatuur. Het herstelbegrip heeft echter reeds een lange traditie in de verslavingszorg.  Het neemt  een centrale plaats in binnen het klassieke TG-denken, dat zijn wortels vond in het A.A.-gedachtengoed. In de loop van de jaren werd het begrip verder uitgediept en verbonden met andere aspecten die essentieel zijn in de zorg voor personen met een chronische problematiek. Binnen De Sleutel  situeren we het nu als één van de 4 ” R-en”: remoralisation, remediation, rehabilitation en recovery. Recovery kan je vertalen als herstel. Het oorspronkelijke model  van Howard, Lueger e.a. beschreef oorspronkelijk slechts de eerste 3 fasen. Geen vier maar slechts drie R-en! “Recovery “ werd immers later toegevoegd door andere auteurs zoals Cor de Jong. In het Nederlands vertalen we recovery als herstel.  In onze eigen opvatting kunnen we dit samenvatten als: aanvaarden van beperkingen, ontdekken van nieuwe mogelijkheden.

naar herstelondersteunende verslavingszorgDit boek heeft de ambitie om het trendy concept ‘herstel’ op basis van de ontwikkelingen in de literatuur te duiden en uit te werken en om concrete handvatten aan te reiken aan hulpverleners op het terrein. Hiervoor werd een beroep gedaan op een grote schare co-auteurs. De redacteurs hebben de ambitie om door de uitbouw van een herstelondersteunende verslavingszorg de huidige opsplitsing tussen schadebeperkende en op abstinentie gerichte hulpverlening te overstijgen. Want een herstelondersteunende benadering laat meer samenwerking, netwerkvorming, coördinatie en continuïteit toe. Deze 4 laatste doelstellingen zijn ook volgens ons essentieel in de zorg voor chronisch verslaafden.

De redacteurs  onderscheiden naast klinisch herstel ook functioneel, maatschappelijk en persoonlijk herstel. Functioneel herstel verwijst naar herstel van lichamelijke, psychische en sociale functies die mogelijk verstoord waren door het middelengebruik. Maatschappelijk herstel slaat op de verbetering van iemands maatschappelijke positie, bijvoorbeeld op gebied van werk en wonen. Persoonlijk herstel slaat op greep krijgen op het eigen leven en doelen op basis van de persoonlijke waarden. Hierdoor komt er meer ruimte voor participatie van de doelgroep aan het ruime maatschappelijke leven. Ook  ervaringsdeskundigheid wordt een gelijkwaardige competentie in het scala van interventiemogelijkheden. Het is belangrijk om weten dat de mate waarin een persoon beschikt over herstelkapitaal een belangrijke voorspeller is van langdurend herstel.

Het boek begint met een boeiende uiteenzetting van Geert Dom over hoe de visie op verslaving in de loop van de jaren veranderd is en hoe de neurobiologische inzichten nu sterk op de voorgrond komen. Oorspronkelijk werd er vooral op moraliserende wijze gekeken naar personen met een verslavingsproblematiek. Later werden psychologische modellen dominanter in de hulpverlening, denken we bijvoorbeeld aan motivatieontwikkeling, functieanalyse en terugvalpreventie. Het huidige wetenschappelijke onderzoek investeert vooral in een zoektocht naar neurobiologische factoren. Opvallend is ook dat bij niet-chemische verslavingen zoals gokken en gamen, neurologische veranderingen waargenomen worden die erg vergelijkbaar zijn met wat men ziet bij de traditionele verslavingen. Er komt ook meer duidelijkheid over de rol van genetische factoren bij kwetsbaarheid voor verslaving. Het inzicht groeit dat het niet zozeer een zaak is van hersendelen die een bepaalde functionaliteit hebben, maar dat we beter denken in termen van hersencircuits die een invloed hebben op belonings-, zelfregulatie- en stresssystemen. De complexe interactie tussen biologische, psychologische en sociale factoren wordt steeds duidelijker, zodat ‘omgaan met complexiteit’ nu, meer dan ooit, de uitdaging is waarvoor we staan. De wetenschap benadrukt nu de wisselwerking tussen erfelijkheid, en hersenfunctionaliteit en omgevingsfactoren.

Herstelkapitaal
Uiteraard handelt een bijdrage  in dit boek over de invulling van het herstelconcept. Anne Dekkers en co stellen vast dat er wel gemeenschappelijke tendensen vastgesteld worden in de literatuur, maar dat het toch niet vanzelfsprekend is om tot één gemeenschappelijke definitie te komen. Het is wel duidelijk dat het niet (alleen) gaat om het wegwerken van symptomen, maar ook over omgaan met symptomen en andere vervelende kenmerken van een problematiek. Het gaat vooral ook over betekenis en zinvolheid geven aan het leven, over herwinnen van de regie over het eigen leven, over de levenskwaliteit maximaliseren, over ontdekken en groeien van talenten en competenties. Een aantal positief geformuleerde principes kunnen omschreven worden als verbondenheid, hoop, identiteit, zinvolheid en persoonlijke keuzes maken en verantwoordelijkheid opnemen. Vanzelfsprekend is dit herstel nooit een statisch gegeven, herstel is een proces . Het kan omschreven worden als een reis, waarin nieuwe waarden ontdekt worden, waarin je identiteit verandert, waarin de sociale netwerken veranderen en lotgenoten een belangrijke rol vervullen.

dsc 0844bew 

Zo komen we bij het interessante begrip ‘herstelkapitaal’. Dit kapitaal omvat persoonlijke, sociale, materiële en culturele bronnen waarover een individu beschikt om herstel van een verslavingsproblematiek te initiëren en te behouden. Het herstelkapitaal wordt beïnvloed door  het kapitaal waarover individuen beschikten vóór hun verslaving en dat ze tijdens hun verslaving wisten te behouden. Maar ook de aanwezigheid van anderen die zich ook in een herstelproces bevinden, de betrokkenheid in zingevende activiteiten en de actieve deelname aan opleiding, vorming en tewerkstelling kan het herstelkapitaal beïnvloeden.  Voor de hulpverlening houdt dit in dat we vertrekken van de krachten van de mensen en van hun omgeving en dat keuzevrijheid, zelfbepaling en zelfcontrole van de cliënt een  essentieel aspect zijn van onze zorg. Terecht wordt vermeld dat ‘shared decision-making’ hierbij een eerste stap zal zijn.

Het boek gaat in op herstelondersteunend werken in verschillende settings en met verschillende doelgroepen, maar een aantal andere aspecten trekken onze aandacht wel bijzonder:  namelijk nazorg en de rol van ervaringsdeskundigheid  daarin en de ervaringen van de naastbestaanden tijdens het herstelproces. Over nazorg wordt niet zo veel gepubliceerd. Nazorg is echter zeer belangrijk om continuïteit in de zorg voor een persoon met een chronische problematiek te verzekeren. Na de primaire zorg komt het erop aan om het verslavend gedrag te vervangen door een positief alternatief, door een bevredigende levensstijl en persoonlijke groei. De auteurs Sam Vos en Guido Van Hal pleiten ervoor om open nazorggroepen te organiseren, op basis van vrijwilligheid en met een brede variatie in aanbod en doelgroep. Het moeten plekken zijn waar ervaringen kunnen gedeeld worden met lotgenoten en waar men zonder oordeel terug in de groep kan opgenomen worden, ook na een herval. De organisatie van deze groepen moet toelaten dat ze frequent doorgaan, zodat de nazorg een intensief karakter krijgt. Om de motivatie tot deelname te verhogen kan gebruik gemaakt worden van sms, email en sociale netwerken. Dit laat toe om  moeilijke periodes te overbruggen. Hierbij denken we aan  dagen of weken met  grote leegte, waarin vroeger vaak gebruikt werd en momenten waarop meestal geen professionele hulp beschikbaar is.

recovery

Ervaringsdeskundigheid
Ook het inzetten van ervaringsdeskundigheid kan een manier zijn om de continuïteit van de zorg te verzekeren tijdens het lange herstelproces. Ervaringsdeskundigen hebben troeven waarover professionele hulpverleners niet beschikken. Ze hebben namelijk expertise over de specifieke moeilijkheden tijdens het herstelproces en hebben beter inzicht in de mogelijkheden die barrières zoals schaamte  en stigma kunnen helpen overwinnen. Ze zijn rolmodellen  en goede voorbeelden van hoop. De persoonlijke kennis van ervaringsdeskundigen is zeker niet altijd zomaar overdraagbaar op anderen. Niet alleen omdat elke situatie anders is, maar ook omdat er specifieke vaardigheden nodig zijn om deze ervaring op een goede wijze over te brengen naar andere lotgenoten of naar professionele hulpverleners. Men spreekt dan over de professionalisering van de ervaringsdeskundigheid.

Ervaringsdeskundigen kunnen dus ingezet worden om persoonlijk herstel te ondersteunen. Herstel is echter niet alleen een individueel gegeven. Het verwerven van een nieuwe sociale identiteit, verbonden zijn met anderen, participatie aan de samenleving,… zijn voorbeelden van zaken die men niet alleen doet. Contact met lotgenoten via zelfhulpgroepen kunnen een groot verschil maken op moeilijke momenten of bij complexe situaties. De lotgenoten worden met gelijkaardige omstandigheden geconfronteerd en helpen elkaar om hun persoonlijke levensomstandigheden te verbeteren. Een goed functionerende zelfhulpgroep is immers probleemoplossend gericht. Voor wie geïnteresseerd is: dit hoofdstuk bevat een beschrijving van het verloop van een NA ( Narcotics Anonymous) bijeenkomst.

De omgeving van de persoon met een verslaving
Er bestaan ook zelfhulpgroepen voor de omgeving van personen met een verslaving, maar deze zijn in Vlaanderen toch ondervertegenwoordigd. Verslaving heeft nochtans een grote impact op het familiale leven en op andere sociale relaties. Familieleden en significante anderen hebben ook grote nood aan ondersteuning. En door zelf ondersteund te worden kunnen zij op hun beurt het herstelproces van hun verslaafde naaste beter ondersteunen. Traditioneel focuste de hulpverlening  vooral op de persoon met een verslaving zelf en ging er weinig aandacht naar de familieleden en zeker met de verdere omgeving werd nauwelijks rekening gehouden. De context  wordt trouwens idealiter niet enkel ingeschakeld om het proces van de verslaafde persoon te ondersteunen.  Want familieleden en andere belangrijke figuren hebben evenveel recht op een eigen herstelproces. Het zou niet mogen zijn dat dergelijk netwerk impliciet  verantwoordelijk wordt voor het herstelproces van de verslaafde persoon. 

De verslaving van een familielid is op zich een stressvolle situatie voor de familie. Het gedrag, de persoonlijkheidsveranderingen en de sociale en maatschappelijke consequenties van de verslaving van hun familielid zorgen voor heel veel stress. Die stress heeft dan weer invloed  op de psychische en fysieke gezondheid van de familieleden. Er zijn verschillende wijzen waarop familieleden leren omgaan met deze problemen. “Putting up” is een wijze van coping door het tolereren van bepaalde zaken of door de verslaafde persoon te beschermen tegen de negatieve consequenties van zijn middelengebruik.  “Withdrawing” komt neer op zich terugtrekken en alles ontwijken wat met het middelengebruik te maken heeft.  “Standing up” is een actieve wijze van coping om zo de verslaafde persoon te stimuleren  om zijn of haar veranderingsproces vol te houden. Informele en professionele ondersteuning kunnen de veerkracht van de familieleden vergroten.

Remoralisatie
Wat minder uit de verf komt in dit boek:  remoralisatie wordt in vele hoofdstukken wel vermeld, toch eerder op een zijdelingse manier. Terwijl hoop geven en geloven dat het anders kan toch wel een thema is waaraan een specifiek hoofdstuk mag gewijd worden.  Want ondanks alle stappen die tijdens een herstelproces gezet worden, volstaan keukenrecepten  niet wanneer de weg lang, hobbelig en dikwijls eentonig en eenzaam is. Hoe en wanneer verwerft de ex-verslaafde een levensstijl die op zichzelf leuk en zinvol is? Wat kan hem of haar in beweging houden wanneer zich moeilijkheden en tegenslagen voordoen, die iedereen wel eens vroeg of laat op zijn weg vindt?

DSC 0864Wie meer wil weten over hoever het staat met de maatschappelijke integratie van een verslaafde in herstel, blijft na het lezen van dit boek wel wat op zijn honger zitten. Hoe vergroot iemand zijn herstelkapitaal? Bespreking van opleidings- en tewerkstellingsinitiatieven, die er toch wel zijn in Vlaanderen, zouden in dit boek een mooie plaats mogen gekregen hebben. Evenals projecten die zich focussen op de vrije tijd, die bijvoorbeeld via bewegen en recreatief sporten inzetten op maatschappelijke participatie. Een slechte fysieke conditie is zeker een letterlijke belemmering in de uitbouw van een nieuw leven. Verder kan vermoeidheid een bron van negatieve emoties worden, die  dan leiden tot het ervaren van een negatief gekleurde identiteit. Inzetten op bewegen, mensen leuke recreatieve sportactiviteiten laten ontdekken brengt niet alleen ontspanning in het dagelijks leven, maar je komt ook in contact met anderen, het stigma van verslaafd geweest te zijn kan doorbroken worden want andere sporters gaan je zien als een ‘normale’ persoon, kortom door sport en bewegen wordt het herstelkapitaal op een leuke manier substantieel verhoogd! En vergelijkbare ervaringen kunnen ook met creatieve projecten, met muziek of beeldende kunsten en poëzie, bereikt worden. Immers, iedereen is anders  en in iedereen schuilt een talent! Ontdek het !

Robrecht Keymeulen (april 2018)

Naar een herstelondersteunende verslavingszorg. Praktijk en beleid. Wouter Vanderplasschen  en Freya Vander Laenen (red.), Acco, Leuven, 2017. Pagina's: 296,  35€  (ISBN: 9789463441094)

 

Aanverwante info
Visie op verslaving

 

filmpjeimage

Traject van een cliënt

Inschrijven E-zine

Invalid Input

Gelieve akkoord te gaan met onze privacy overeenkomst.
Bekijk de privacy voorwaarden.

Agenda

September
  • 25
    19:30 Recoverygroep in Mechelen

    Groepswerking voor mensen met een verslavingsproblematiek die tijdens en/of na hun behandelperiode graag contact willen hebben/houden met lotgenoten.

    Waar:? Dagcentrum De Sleutel, F. De Merodestraat 20 te Mechelen 
    Wanneer? op woensdagen telkens om 19u30.  Er is een sessie op woensdag 25/9; 9/10; 23/10; 6/11; 20/11; 4/12; 18/12

    Kostprijs per sessie : 2 euro (drankje inbegrepen)

    Meer info







Oktober
  • 7
    19:30 Dagcentrum Mechelen viert 25 jarig bestaan met Filmavond

    Dagcentrum Mechelen viert op maandag 7 oktober zijn 25-jarig bestaan met een filmavond. De viering wordt georganiseerd i.s.m. met het Filmhuis. Samen zetten we een parel van Gus Van Sant in de kijker: ‘Don’t Worry He Won’t Get Far On Foot.’ Een film die een mooi beeld schetst van een man in herstel. Hij maakt er het beste van, ondanks zijn beperkingen. Vooraf is er een receptie en om 20u30 vangt de film aan. Klik hier voor meer info 

  • Volledige agenda