De Sleutel Logo

STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



Behandeling van verslaving en comorbiditeit: de Noord-Nederlandse ervaring – dr Ingrid Willems

Door een voorbeeld van een goede praktijk uit Nederland in de kijker te zetten, zetten we ons strategisch doel rond trajectwerken extra in de verf. We willen immers dat de cliënt geen enkel obstakel ervaart bij de overgang van de ene module/setting naar de andere. Vermaatschappelijking van de zorg is hierbij een sleutelbegrip. Dr Ingrid Willems illustreert hoe men hier in Noord-Nederland met de zogenaaamde Fact-teams werk van maakt.

 ingrid willems web2 

Zorgpaden in de behandeling van mensen met een verslaving en comorbiditeit: de Noord-Nederlandse ervaring. Hierover sprak Dr Ingrid Willems, geneesheer-directeur, psychiater, Verslavingszorg Noord-Nederland, Groningen, op de feestelijke zitting “Verslavingszorg uitgedaagd” van 14 november te Gent.

 

Zoals meestal het geval bij onze noorderburen gebeurt ook in de groep Verslavingszorg Noord-Nederland (VNN) het gros van de zorg en behandeling ambulant (80% t.o.v. 13% residentieel/dagklinisch).

Verslaving wordt binnen VNN (*) beschouwd als een cluster van symptomen die hun oorsprong vinden in een ontregeling van de beoordelings- en beloningsystemen in de hersenen. Verslaving behandelen betekent dat dit niet alleen iets is van je brein, maar is een cluster van symptomen die al je levensgebieden raakt (met effect op je familie, op hoe je werkt/woont, hoe sociaal interacteert, op je lichamelijke gesteldheid, op de psychiatrie). De mensen die we in zorg zien, zijn meestal de mensen met de ernstigste verslavingsproblemen, bij wie in 80% van de gevallen een comorbide psychiatrische aandoening aanwezig is.

slide comorbiditeit

Organiseren van zorgpaden

De doelgroepen in VNN werden als volgt ingedeeld:

1. Jongeren (tot 23 jaar) met verslavingsproblemen (en niet 18 jaar, o.a. omwille van het stagneren van ontwikkelingstaken, afstemming met GGZ-instellingen en financieringsgronden)

2. Volwassenen met verslavingsproblemen

3. Volwassenen met verslavingsproblemen met hierdoor aanwezige veiligheidsrisico’s (justitiële kaders)

Vervolgens worden deze doelgroepen verder ingedeeld op basis van de intensiteit van de zorgvraag via de “MATE” (Meten van Addicties voor Triage en Evaluatie). Met behulp van de MATE kan adequaat en snel een indicatie gesteld worden voor zorg en behandeling in de verslavingszorg en voor de evaluatie van deze verleende zorg en behandeling. Het zorgaanbod richt zich op de verslaving zelf, de aangetaste levensgebieden en de eventueel aanwezige comorbiditeit. Het principe is dat meer verlies aan autonomie een hogere intensiteit in behandeling geeft én de integratie tussen de vernoemde onderdelen in het zorgaanbod wordt groter.

Zorgpad 1: gericht naar patiënten met een lichte verslavingsstoornis, problemen op maximaal 2 levensgebieden en zonder comorbide stoornissen,  waarbij de focus van de behandeling genezing is, d.w.z.  de mensen zonder overmatig middelengebruik kunnen laten participeren aan de samenleving.

Zorgpad 2: gericht naar patiënten met een matige tot ernstige verslavingsstoornis, problemen op 2 tot 4 levensgebieden; patiënten met een comorbide psychiatrische stoornis, waarvoor behandeling in dit zorgpad parallel gegeven wordt. De focus van de behandeling is ook hier genezing.

Zorgpad 3: gericht naar patiënten met een ernstige tot zeer ernstige verslavingsstoornis, problemen op 3 tot 5 levensgebieden; meer dan 80% van de patiënten heeft één of meer comorbide psychiatrische stoornissen,  die integratief behandeld worden en veelal is een deel van de behandeling klinisch (residentieel). De focus ligt ook hier genezing.

Zorgpad 4: gericht naar patiënten met een ernstige tot zeer ernstige verslavingsstoornis met problemen op praktisch alle levensgebieden; patiënten hebben veelal één of meer comorbide psychiatrische stoornissen, die volgens de multidisciplinaire richtlijn integratief behandeld worden. De focus van de behandeling ligt op stabiliseren waarbij F-ACT-zorg en –behandeling de leidende behandelprincipes zijn.

Het zorgaanbod, geënt op deze zorgpaden, bestaat uit vele diverse modules, die als volgt zijn gestructureerd:

slide zorgstructuur

In de verslavingsbehandeling staat motiverende gespreksvoering voorop: altijd en in iedere behandeling. Klinische of ambulante detoxificatie en cognitieve gedragstherapeutische behandeling zijn vaste ingrediënten, alsook medicatie, uiteraard afhankelijk van de intensiteit van de gestelde problematiek.  Het aanbod zal oplopen volgens het gekozen zorgpad, zoals eerder werd vermeld. Bij het aanbod op vlak van de diverse levensgebieden merken we op dat in VNN uitdrukkelijke aandacht gaat naar kinderen van verslaafde ouders (KVO). VNN maakt er een punt van om te monitoren hoe effectief zij in hun behandelingen zijn t.a.v. het doorbreken van de transgenerationele verslaving. Voor de kinderen van patiënten die in behandeling zijn, is er een specifiek aanbod. Inzake comorbiditeit worden in zorgpad 2 de protocollaire behandelingen aangeboden voor angststoornissen, depressie en ADHD. Van zodra het integratie van verslaving én comorbiditeit betreft (zorgpad 3 en 4), kan je bijvoorbeeld als patiënt traumabehandeling krijgen waarbij je aan een psycho-educatiegroep deelneemt, een seeking-safety groepsaanbod waarbij je nog middelen gebruikt, maar het in een veilige omgeving wel reeds op een thematische manier kunt hebben over bijvoorbeeld trauma. Een individuele psychotherapie voor trauma wordt eveneens aangeboden, alsook een schemagerichte groep, deeltijds of klinisch.
Het is duidelijk dat er bij integratie geen sprake kan zijn van aparte behandeling van de verslaving en daarnaast van de comorbide stoornis, zoals dat in de parallelle behandeling wel kan. Je kan het hier m.a.w. niet meer hebben over de posttraumatische stress-stoornis zonder het te hebben over de verslaving.


dr willems web

 

Voor integratiebehandelingen outreach kiest VNN voor F-ACT (Flexible Assertive Community Treatment), ACT en Multi Dimensional Family Therapy (MDFT). MDFT past men in VNN toe voor verslaafde jongeren onder de 18 jaar en die nog participeren aan het gezinsleven. Op het moment dat ze zelfstandig wonen biedt men systeemtherapie en daarnaast ACT of F-ACT voor de jongere zelf. F-ACT is een behandelvorm voor mensen met een ernstige psychiatrische aandoening die lang duurt, een ernstige maatschappelijke beperking inhoudt waarbij voortdurend risico op crisis bestaat en waar noodzakelijke waakzaamheid geboden is op mogelijkheden voor behandeling en/of herstel. Dit wordt ín het multidisciplinaire team behandeld (als patiënt ga je niet meer van de ene behandelplek naar de andere), casemanagement wordt gecombineerd met ACT.

Jan, 48 jaar, woont al jaren alleen in zijn boerderij op het Groningse platteland. Hij woonde heeft hier ooit met vrouw en kinderen maar die hebben hem al 6 jaar geleden verlaten. Jan drinkt.
Zijn zus brengt hem af en toe wat te eten, maar kan het niet meer aan. Jan heeft geen problemen met zijn alcoholgebruik. De lokale supermarkt brengt de kratten aan huis, hij hoeft er de deur niet voor uit. Hij komt trouwens sowieso de deur niet uit, al jaren niet meer. Hulp hoeft Jan niet. In de afgelopen jaren is al meermaals geprobeerd Jan naar de verslavingszorg of naar de GGZ "te krijgen" maar Jan weigert. (*)

F-ACT GGZ of verslavingszorg met ondertussen ook eigen F-ACT teams: welke keuze maak je?

De ernst en complexiteit van de verslaving alsook de aard van de psychiatrische problematiek die naast de verslaving aanwezig is, zijn objectieve criteria op grond  waarvan er toeleiding naar ofwel eerder GGZ ofwel verslavingszorg kan gebeuren. In de praktijk is het vaak zo dat de ernst van het manipulatieve gedrag sterker bepaalt welk F-ACT team de patiënt verder behandelt. Zo is het de ervaring in VNN dat naarmate de patiënt lastiger is en er weinig mee te beginnen valt, eerder richting verslavingszorg wordt gekeken. Ook het aantal keer dat je als patiënt voorheen werd opgenomen, bepaalt mee in welk F-ACT je terecht komt.

De zus van Jan spreekt haar zorg over Jan uit bij de huisarts en de wijkagent. Een melding bij de GGZ volgt. Daar er al bekend is dat er veel alcohol in het spel is, gaat de GGZ-medeweker van de verslavingszorg polshoogte nemen. In het kader van bemoeizorg volgen er enkele contacten.

Zo helder is de toewijzing dus niet. Maar het verschil in benadering is wel duidelijk tussen de F-ACT GGZ en F-ACT verslaving: het is lastiger een vertrouwensrelatie op te bouwen met iemand die veel gebruikt en onder invloed naar een behandelaar komt. Er is bijkomende somatische problematiek, financiële en sociale problemen.

Er is zeker sprake van alcoholafhankelijkheid, die ook al zeer lang duurt. De fysieke gesteldheid van Jan is slecht.
Hij wordt als nieuwe patiënt tijdens het wekelijkse MDO besproken in het  F-ACT team en komt om het bord, gedurende 6 weken. Dezelfde medewerker blijft hem bezoeken en neemt zo nu en dan een collega mee, zodat het team kennis kan maken met Jan en Jan met het team.
In die 6 weken blijkt dat Jan het wel wil hebben over het verdriet dat hij zijn kinderen niet meer ziet, maar niet over zijn alcohol gebruik. Helemaal stoppen met drinken wil Jan niet, waarom zou hij, en minderen lukt hem niet, zo zegt hij.

Bovendien hebben deze mensen vaak ook op zijn minst scherpe trekken in hun persoonlijkheid en is het motivatiecentrum precies door hun verslaving verstoord. Het is dan ook een hele opgave om die mensen te motiveren om in behandeling te komen. Wat sterk motiverend werkt, zijn praktisch ondersteunende diensten.

In de lange tijd die volgt blijkt dat Jan al jaren worstelt met heftige nachtmerries, herbelevingen en angsten; dat hij geen werk heeft gehad sinds zijn 30e en dat hij op zijn laatste werkplek is weggepest. Iets dat hem zijn hele leven al overkwam. Met hulp van een ervaringsdeskundige leert Jan dat hij wel kan minderen. Door goede voeding en vitamines sterkt hij weer aan. Inmiddels blijkt Jan wel diabetes mellitus te hebben. Dus regelmaat in leefpatroon is essentieel. Zijn financiële en administratieve zaken worden in beeld gebracht. Voor de angststoornis die Jan heeft, worden cognitieve gedragstherapeutisch interventies gebruikt.

De F-ACT-teams verslavingszorg kenmerken zich vooral door de aanwezigheid van de verslavingsarts, naast psychiater, sociaal verpleegkundige, ervaringsdeskundige, arbeidsbegeleider, psycholoog, woonbegeleider en sociaal-juridisch dienstverlener. De aanwezigheid van ervaringsdeskundigen binnen F-ACT verslavingszorg zorgt voor een andere dynamiek  in een GGZ-team. Ook al zijn ze al geruime tijd zelf niet meer afhankelijk, toch vinden ze het nog steeds heel lastig om met de triggers waarmee ze te maken krijgen om te gaan. De overeenkomst in de machteloosheid die ze zelf voelden, is ook groot wanneer ze dit opmerken bij anderen. Hier moet je mee aan de slag.

In iedere provincie zijn er nu 3 F-ACT teams, alsook in de stad Groningen met een gezamenlijk ACT team. In Friesland werd recent gestart met een intensieve samenwerking (F-ACT+) tussen een GGZ en verslavingsF-ACT waarbij de inzet in ervaringsdeskundigheid 2/3 GGZ en 1/3 verslaving is, toegevoegd met verslavingsarts en een psychiater met verslavingsexpertise.

Welke effecten zien we van deze investeringen?

Patiënten kunnen ambulant gediagnosticeerd worden en zelfs detox kan ambulant, waar dit voorheen eerder klinisch gebeurde. Er wordt duidelijk meer comorbiditeit behandeld en er zijn  beduidend minder crisisaanmeldingen. De opnameduur verkort van voorheen vier weken naar twee tot drie weken. Er is minder drop out en er zijn meer contacten met de patiënt. De ziektekostenverzekeraars zijn hiermee echter niet tevreden, gezien het dure en intensieve zorgvormen betreft. Uitstroom uit F-ACT behandeling kan wanneer je in de voorbije 2 jaar niet meer op het F-ACT bord verschijnt (ttz niet meer in crisis bent geweest) en als je een werkend signaleringsplan en crisiskaart hebt. Dan kan doorstroom gebeuren naar de wijkteams, lichtere vormen van ambulante GGZ of terug via opvolging door de huisarts en de praktijkondersteuner. VNN pleit voor de toekomst duidelijk voor de keuze voor meer F-ACT+ teams

Koen Dhoore (november 2014)

(*) VNN werkt in 3 provincies op 34 ambulante zorglocaties en 6 locaties waarin 10 klinische settings gehuisvest zijn.

Tekst op basis van het referaat "Zorgpaden in de Bbehandeling van mensen met een verslaving en comorbiditeit:  de Noord-Nederlandse ervaring"  door Dr Ingrid Willems, geneesheer-directeur, psychiater, Verslavingszorg Noord-Nederland, Groningen (uitgesproken tijdens de feestelijke zitting van 14 november te Gent "Verslavingszorg uitgedaagd!")

 

dr willems personalia bis

Personalia: dr Ingrid Willems was de afgelopen jaren bezig met innovatie en kwaliteitsverbetering in de verslavingszorg. Aandachtspunten hierbij zijn het integratief behandelen van verslaving en comorbide psychiatrie, zorgprogrammering in de organisatie en in het bijzonder het behandelaanbod voor de ernstig chronisch verslaafde patiënt. Ze was tot 1 september 2014 vice-voorzitter van F-ACT Nederland, de vereniging die de ontwikkeling en het gebruik van outreachende zorg stimuleert.

 

(*) In attachment vindt u het volledige verhaal van Jan. Om redenen van privacy gebruiken we een fictieve naam.

 

Meer nieuws over 40 jaar De Sleutel

40 jaar logo zonder slagzin



filmpjeimage

Traject van een cliënt

Inschrijven E-zine

Invalid Input

Gelieve akkoord te gaan met onze privacy overeenkomst.
Bekijk de privacy voorwaarden.

Agenda

Juli
  • 31
    19:30 Recoverygroep in Mechelen

    Groepswerking voor mensen met een verslavingsproblematiek die tijdens en/of na hun behandelperiode graag contact willen hebben/houden met lotgenoten.

    Waar:? Dagcentrum De Sleutel, F. De Merodestraat 20 te Mechelen 
    Wanneer? op woensdagen telkens om 19u30.  Er is een sessie op woensdag 31/7; 14/8; 28/8; 11/9; 25/9; 9/10; 23/10; 6/11; 20/11; 4/12; 18/12

    Kostprijs per sessie : 2 euro (drankje inbegrepen)

    Meer info







September
  • 8
    10:00 Zee-zeildag 2019

    Meer info over de "varen voor het goede doel" editie 2019 mag u hier binnenkort verwachten.

    Lees meer

    Link naar website o.m. met reacties van deelnemers van vorige edities.

  • Volledige agenda