De Sleutel Logo

Een OPNAME en MEERDERJARIG?
Bel 09 3606229
Meer info

 



Een OPNAME en MEERDERJARIG?
Bel 09 3606229
Meer info

 



Shared decision making: hoe breng je dit in de praktijk? Prof. dr Cor de Jong licht toe

In zijn bijdrage gaat Cor de Jong als arts, psychotherapeut en onderzoeker in op wat hem boeit als het gaat om de therapeutische relatie. Waarom nemen wij de rol van hulpverlener op ons, hoe doen we dit en wat zijn hierbij onze taken en instrumenten?

DSC 0402 uitsnede web

 

De therapeutische relatie en recovery: Wat moet de professional daar nu mee? Hierover sprak Cor de Jong, hoogleraar verslaving en verslavingszorg, Radboud Universiteit Nijmegen en wetenschappelijk directeur, van het Nijmegen Institute for Scientist-Practitioners in Addiction (NISPA) op het avondcolloquium rond “Recovery…. Genezen van verslaving” van 24 september te Gent.

 


WHY?

Shared decision making: hoe breng je dit in de praktijk?


Waarom doen we ons werk en hoe pakken we dit concreet aan?  “Praten met en luisteren naar patiënten… dat leerden we 40 jaar natuurlijk ook al! Het is vrijwel onmogelijk om gerandomiseerd onderzoek te doen naar de waarde van praten en luisteren. Soms is evidentie dan ook zo voor de hand liggend dat we de wetenschap hier niet voor nodig hebben,” zo stelde De Jong.

HOW?

Vanuit zijn rijke ervaring maakte de Jong duidelijk welke vragen hij zichzelf gedurende zijn carrière heeft gesteld en hoe hij deze vragen via  onderzoek trachtte te beantwoorden. Zo inspireerde Michael Balint hem in de manier hoe met patiënten kan gecommuniceerd worden. Balint focuste niet op het hoe van de behandeling maar op wat het oproept. De Jong: “In een therapeutische relatie speelt overdracht, werkalliantie en realiteit een rol. Bij mensen met een verslaving is het van belang die elementen binnen de therapeutische relatie in een schema te brengen. Uit de massa beschikbare instrumenten om dit meetbaar te maken, kozen we The Helping Alliance Questionnaire (HAQ). Om tot verandering te komen is het van belang dat er een therapeutische alliantie ontstaat tussen de patiënt en de hulpverlener, elk met hun  eigen gedrag, gevoelens en gedachten en dat er in de werkrelatie overeenstemming is, de werkrelatie over doelen en verwachtingen en in de therapeutische relatie over wensen en behoeften”. 


De Jong herinnerde er ook aan dat onderzoek heeft uitgewezen dat de patiënt de positieve stijl van de hulpverlener hoger inschat dan de therapeut zelf (Barret-Lennard RI, 1993). Eigenlijk is dit de opstap geweest om te komen tot Shared Decision Making (SDM) of samen beslissen. Hierna ging hij dieper in op belangrijk onderzoek van o.m. E. Joosten (2008) over de invloed van een interventie zoals SDM op de therapeutische relatie.  “We weten dat het aangaan van een behandelingsovereenkomst met je patiënt werkt als je vooraf afspreekt dat zowel de cliënt als de hulpverlener op geregelde tijdstippen items als werk, huisvesting, financiën op een gestructureerde manier met elkaar bespreken. Als je op geregelde tijdstippen de resultaten van de verschillende doelen samenlegt en vergelijkt, dan bevordert dit de kwaliteit van de therapeutische relatie. Shared Decision Making bevordert de therapeutische relatie”, aldus De Jong.


De Jong :”De laatste jaren houdt de vraag mij bezig wat de taken van mij als professional zijn als het gaat om het persoonlijk herstel van patiënten met stoornissen in of door het gebruik van psychoactieve stoffen”.  Hij plaatste die vraag in het kader van de vier R’s die gelden als moderne medische taken: remoralisatie, remediatie, rehabilitatie en recovery”.

WHAT?
Wat leveren we als hulpverlener nu aan  diensten?

We evolueren als hulpverlener van traditionele (medische) taken naar moderne taken

Remoralisatie: Hoe geef je hoop? Door dit zelf als hulpverlener uit te stralen (pygmalion effect). 
Remediatie: Bevorder klinisch herstel ; volg hierbij niet enkel de richtlijnen, maar blijf zelf ook nadenken, want de meeste patiënten passen niet in die richtlijn. De opdracht vanuit Evidence-based Medicine is dan: bekwaam je in het zoeken en boordelen van recente literatuur : wat is op dit moment beste voor deze patiënt met die complexe pathologie.
Rehabilatie: draag bij aan het verbeteren van de situatie van de patiënt op al die terreinen waar het mis is gegaan ; zoek bijvoorbeeld eerst een fatsoenlijke woonst.
Recovery:  “Er zijn” als de patiënt zijn eigen leven vorm geeft. Hoe doe je dat? Vraag het aan de patiënt zelf? !

 

Een antwoord op een vraag aan een patiënte: wat heb je nu aan die professionals gehad in de afgelopen 20 jaar dat je regelmatig behandeling nodig bleek te hebben?:

“Ik vond het fijn dat de professional er was als ik hem nodig had, waarover het dan tijdens die behandeling moest gaan, vond ik minder van belang"

 

Definitie 

Definitie van personal recovery : “a deeply personal and unique process of changing….”. Hieraan zouden we dus een bijdrage moeten kunnen leveren als professional.

Ontmoeting met de patiënt
Onderzoek leert dat de communicatie met de patiënt pas succesvol zal zijn als er rekening wordt gehouden met het verklarend model van de betrokken partijen (context, hulpverlening en patiënt).   Dit is van belang om echt aansluiting te doen ontstaan (cfr. proefschrift Ongehoord van Dr. Lisette Oliemeulen: onderzoek bij psychotische patiënten waarbij de communicatie tussen hulpverlener-patiënt, tussen patiënt-familieleden en familieleden-hulpverlener uitgebreid werden onderzocht).


“Het is verbazend vast te stellen dat 3 participanten in hetzelfde systeem het vaak nooit expliciet hebben over deze verklarende modellen en dus lang naast elkaar heen werken. Eenzelfde aansluitingsprobleem merken we  in de verslavingszorg. Dan kunnen we hard roepen dat verslaving een chronisch hersenprobleem is, maar naar dat soort eenrichtingsboodschap  wordt dan niet geluisterd. Het is eerder iets dat vriendelijk met elkaar wordt besproken: verklarende modellen zijn opvattingen over de oorzaak van de ziekte, het begin van de symptomen, de pathofysiologie, het verloop, en de behandeling van de ziekte”.

“Om de patiënt zelf in actie te laten komen is het goed om vanuit 2 kernvragen in ontmoeting te gaan: wat is er aan de hand volgens jou en wat gaan we er aan doen volgens jou”?  Joosten wees op het belang van dit tweerichtingsverkeer. Dus niet alleen de patiënt wordt bevraagd, ook de hulpverlener moet zelf kenbaar maken wat hij/zij denkt wat er met deze patiënt moet gebeuren en de patiënt mag daarop reflecteren. Het werkt heel emancipatorisch om met elkaar naar doelen te kijken”.

Het gevolg van die aanpak is volgens de Jong dat hulpverleners het idee hebben dat ze beter werk leveren, patiënten krijgen meer het idee dat ze hun eigen leven zelf in de hand nemen (vooruitlopend op recovery) naast natuurlijk ook effect op middelengebruikt (belangrijkste doel).

Cor-de-Jong-duotoneDe Jong: “Als het gaat om recovery dan denk ik dat het uitwisselen van verklarende modellen en ziektepercepties binnen de therapeutisch dyade een middel kan zijn om een antwoord te geven op de vraag: Recovery? Wat moet ik daar als professional nu mee? “

 

De verslaafde patiënt

Cor de Jong : “Patiënten met een afhankelijkheidsprobleem, roepen door hun dwingend en vaak als manupulatief ervaren gedrag vaak heftige gevoelens en reacties op bij hulpverleners (en bij zichzelf). Hulpverleners in de verslavingszorg zouden geleerd moeten hebben om hiermee om te gaan. De heftige gevoelens bestaan in eerste instantie bij de patiënten zelf. Als hulpverlener realiseren we ons nog te weinig dat dat soort gedrag eigenlijk een afweermechanisme is voor wat  onderliggend is: m.n. wegkomen uit gevoelens van (existentiële) angst, schuld, schaamte. Eigenlijk projecteren de patiënten die gevoelens op de hulpverlener. Ze zijn als het ware weer waar ze gewend zijn om te verblijven: dat de ander, in dit geval de hulpverlener, kwaad wordt op hen. Dan hoeven ze niet boos worden op zichzelf omdat ze hun kinderen verwaarlozen of omdat ze er een rotzooi van gemaakt hebben. Als je niet oplet laten we dit allemaal gebeuren. Als je als hulpverlener inzicht hebt in dat principe, kun je er iets mee doen. Dan kan je het bufferen, even het gevoel van de ander vasthouden, of afzonderen van andere zaken, verteren en daarna in beter verteerbare brokjes proberen terug te geven”.

Maakt het uit of je iemand “een verslaafde” noemt of “iemand met een verslaving”? 
Onderzoek (Kelly) wijst uit dat er duidelijk verschil is. Hulpverleners trainen helpt om minder stigmatiserend en meer emancipatoir met mensen om te gaan en beïnvloedt wel degelijk de percepties en de therapeutische relatie.
We evolueren dan als hulpverleners in onze manier van vragen stellen. T.a.v. de patiënt wordt het een heel ander soort interview:  een meer journalistieke manier van vragen stellen waarbij je ook eens de rollen omdraait en t.a.v. de patiënt vraagt: “en stel jij nu maar eens de vragen”.

Cor de Jong vermeldt tot slot nog volgende interessante instrumenten die naast het interview voor Verklarende Modellen door NISPA gebruikt worden in kwantitatief onderzoek:
- de IllnessPercention Questionaire-Addiction (IPQ-A), een vragenlijst over opvatting en  oorzaken van  verslavingsproblemen.)
- de Pictorial Rrepresentation of Illness and Self Measure (PRISM)

 

Koen Dhoore/Paul De Neve (oktober 2014)

Tekst op basis van het referaat "De therapeutische relatie en recovery: Wat moet de professional daar nu mee? door Prof dr Cor de Jong, hoogleraar verslaving en verslavingszorg, Radboud Universiteit Nijmegen wetenschappelijk directeur, Nijmegen Institute for Scientist-Practitioners in Addiction (uitgesproken op avondcolloqium van 24 september te Gent Recovery... genezen van verslaving?) 

 

Personalia:
Cor De Jong  is Professor in Addiction and Addiction Care aan de Radboud Universiteit van Nijmegen. Voormalig huisarts, psychiater sinds 1982 actief in de psychiatrie en de  verslavingsgeneeskunde
Sinds 2001 wetenschappelijk directeur van Nijmegen Institute for Scientist-Practitioners in Addiction (NISPA). (samenwerkingsverband tussen zes instellingen voor verslavignszorg, vertegenwoordigt 60 % van de verslavingszorg in Ndl en werkt nauw samen met instituten van Radboud). NISPA doet vanuit biopsychosicaal paradigma onderzoek naar verslaving en verslavingszorg en integreert zorgontwikkeling, onderwijs en onderzoek. 
Zijn persoonlijke missie : brug slaan tussen de wetenschap en de praktijk. Speerpunt in zijn onderzoek is het thema chroniciteit van verslaving.

 

Link naar de tekst "Werk als hefboom naar herstel" op basis van het referaat van Prof Geert Dom (ook uitgesproken op avondcolloquium van 24 september te Gent Recovery... genezen van verslaving?)

Meer nieuws over 40 jaar De Sleutel 40 jaar logo zonder slagzin

 

 

 

 

 

 







filmpjeimage

Traject van een cliënt

Inschrijven E-zine

Invalid Input

Gelieve akkoord te gaan met onze privacy overeenkomst.
Bekijk de privacy voorwaarden.