De Sleutel Logo

STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



STEUN DE SLEUTEL

klik hier

 



donderdag 12 maart 2015 00:00

Drugbehandelingstraject Brugge in de kijker (interview)

Hoe kunnen we druggerelateerde criminaliteit beter aanpakken? Moeten we niet meer investeren in aangepaste rechtbanken om te voorkomen dat  problematische gebruikers steeds tegen de lamp blijven lopen, zonder dat  hun drugprobleem wordt aangepakt…?  In Brugge werkt de drughulpverlening al enige tijd samen met justitie in functie van doorverwijzing. De resultaten zijn positief. Zo daalt de recidive bij personen die in een hulpverleningstraject geraken. Toch zijn er nog knelpunten. De betrokken actoren vanuit justitie en hulpverlening aan het woord.

In Gent toonde de Drugbehandelingskamer (DBK) reeds een tijdje terug dat drugcriminaliteit efficiënter kan aangepakt worden. Het DBK-project uit Gent laat zich inspireren door het Angelsaksische fenomeen van “drugcourts”. Druggerelateerde rechtszaken komen bij een gespecialiseerde rechter terecht. In tegenstelling tot gewone rechtszaken wordt bij de DBK geopteerd voor een heel betrokken aanpak waarbij niet de bestraffing centraal staat, maar wel de toeleiding naar en het volgen van een behandeling in de (drug)hulpverlening. De beklaagde voor een DBK wordt voor het uitwerken en opvolgen van dit hulpverleningstraject bijgestaan door een vertegenwoordiger van de hulpverlening, een ‘liaison’ of verbindingspersoon.  

In het arrondissement Brugge is men ook gevoelig voor de problematiek van drugsgerelateerde delinquentie en werkt men evenzeer aan een goede samenwerking met de hulpverlening.  Reeds geruime tijd is er op niveau van het openbaar ministerie het Clean-project en sinds kort is men aan de slag gegaan met een aangepaste versie van de drugbehandelingskamer.  

Samen met Dirk Dobbelaere, stafmedewerker Justitie binnen dagcentrum De Sleutel te Brugge, hebben we een gesprek met Gerda Weymiens, ondervoorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement West-Vlaanderen, zetelend in de afdeling Brugge. Namens het openbaar ministerie is Lode Vandaele, substituut Procureur des Konings er komen bijzitten.  

Bij het begin van het gesprek verwijst Lode Vandaele meteen naar de drugswetgeving die in 2003 grondig wijzigde en voorzag dat druggebruikers omwille van hun louter druggebruik onder bepaalde voorwaarden niet langer zouden vervolgd worden (strafrechterlijke reactie als ultimum remedium).    

Lode Vandaele: Het parket oordeelde na enige tijd echter dat het niet wenselijk was om naar gebruikers toe niet op te treden. Gewoon op basis van politionele tussenkomsten zagen we immers dat wie drugs gebruikt vaak in de problemen komt of  problemen veroorzaakt, dit bij zichzelf, zijn familie of voor de maatschappij. We beseften dat we ook iets moesten doen aan problematisch gebruik. Er werd wel doorverwezen naar De Sleutel, maar op parketniveau vonden we dat toch te vrijblijvend. Er was geen engagement. We zijn toen gaan kijken naar het experiment in Gent met de lange en de korte proefzorg.

Mensen met een drugprobleem moeten in eerste instantie geholpen worden en horen niet thuis in de gevangenis. Is dat de achterliggende gedachte waarmee het Clean-project in 2009 te Brugge werd opgestart ?

Vandaele: Klopt. Via Clean kan het parket/openbaar ministerie als voorwaarde opleggen dat men zich  dient aan te melden bij De Sleutel. Het grote verschil met Gent is echter dat we geen casemanager inschakelen die de brug legt naar de hulpverlening, maar meteen verwijzen naar De Sleutel.

Voor alle duidelijkheid. Het gaat bij Clean niet om zware inbreuken of misdrijven?

Vandaele: Inderdaad. De Clean-aanpak houdt in dat het parket bij inbreuken op de drugwetgeving – zoals problematisch druggebruik, in beperkte vriendenkring gebruiken - niet overgaat tot vervolging op voorwaarde dat de betrokkene zich laat begeleiden bij De Sleutel voor maximum 6 maanden.  Het parket engageert zich om het dossier bij positieve evaluatie na zes maanden te seponeren en bij negatieve evaluatie te dagvaarden voor de rechter.

weymiens en vandaele en dobbelaere web(vlnr Lode Vandaele, rechter Gerda Weymiens, Dirk Dobelaere)
De kans op recidive vermindert als men naar aanleiding van gepleegde feiten de onderliggende hulpvraag kan aanpakken

Hoe loopt dat in de praktijk ?

Vandaele: Concreet stelt de politie bijvoorbeeld problematisch gebruik vast en wordt de betrokkene voor een geïnformeerde keuze gesteld. Ofwel gaat hij op gesprek naar het dagcentrum De Sleutel ofwel wordt hij vervolgd.  In het eerste geval tekent de persoon een engagementsverklaring  om binnen de 14 dagen naar De Sleutel te gaan.  De Sleutel ontvangt deze verklaring via fax en volgt op dat de persoon zich effectief aanmeldt. Maar het is niet evident om dat zonder liaison echt systematisch aan te pakken.  
Dirk Dobbelaere:  Op parketniveau kan dit in Gent echt goed opgevolgd worden dankzij de proefzorgmanager. Dat loopt natuurlijk veel efficiënter. Vorig jaar waren er bij ons wachtlijsten waardoor mensen soms tot 3 maanden moesten wachten op een afspraak.
Vandaele: Klopt, maar toch werkt het nu al,  ook zonder proefzorgmanager, omdat er een groot vertrouwen is en omdat we intussen een sterk partnership hebben met De Sleutel. We weten dat het loopt zoals het hoort, weliswaar op basis van een beperkte verslaggeving. Onze bedoeling is toekomstige problemen vermijden. We willen die externe motivatie, de druk van justitie ombuigen naar een interne motivatie.  We willen personen met een drugprobleem tot inzicht doen komen waardoor ze zich verder voor hun drugprobleem laten begeleiden. Het  systeem is zeker voor verbetering vatbaar. Het voornaamste is echter dat problematische gebruikers gedetecteerd worden en op de goede weg worden gezet.

Zijn er pijnpunten?

Vandaele:
  De verslaggeving is beperkt, vooral bij gebrek aan middelen. Jullie zijn bezig met behandeling, niet met administratie. En zoals gezegd waren er wachttijden, maar dat is hopelijk opgelost. Justitie wil geloofwaardig zijn. Als we iemand aanmanen om zijn drugprobleem binnen de 14 dagen  aan te pakken, dan moeten we dit ook kunnen waarmaken. Anders geef je een slecht signaal. Daarnaast willen we extra inzetten op sensibilisering. Vandaag gebeurt de aanmelding over de verschillende politiezones heen op een te arbitraire manier. Intussen heeft ook het MSOC zich in dit verhaal ingeschakeld. De capaciteit binnen de hulpverlening  is dus ruimer geworden. Vandaar dat we vanuit het parket Brugge via een gezamenlijke brief van alle drugsmagistraten herinnerd hebben aan het Clean-verhaal met de vraag aan de politiekorpsen om meer systematisch melding te maken van problematisch gebruik.
Dobbelaere: En we zien dat dit goed werkt, zeker bij wie voor het eerst met justitie in aanraking komt, de zgn first offenders.
Vandaele: Naar de toekomst blijven we ons wat Clean betreft beperken tot toeleiding naar de drughulpverlening, en dit niet alleen in Brugge, maar i.s.m. Kompas  en het MSOC Oostende ook in de andere regio’s van West-Vlaanderen.

AANKLAMPENDE AANPAK: HET DRUGBEHANDELINGSTRAJECT

Als het Clean-traject mislukt, dan volgt een echte dagvaarding?

Gerda Weymiens:
Klopt. Als de persoon in kwestie weigert om op gesprek te gaan bij de hulpverlening, dan start in principe het klassieke strafrechtelijke verhaal dat kan uitmonden in probatie, of effectieve bestraffing.
Dobbelaere: Weet echter dat we met de cliënt dan al lang uitgebreid de voor- en de nadelen (gerechtskosten, strafregister,…) hebben besproken. Kortom, men beseft dat de opvolging op het niveau van de correctionele rechtbank een veel  grotere impact heeft dan bij het parket…  
Weymiens: Maar omdat we uit ervaring weten dat we bij mensen met een verslavingsprobleem heel kort op de bal moeten spelen hebben we op eigen initiatief de strafrechtelijke praktijk van de drugbehandelingskamer in Gent (met link) in een aangepaste vorm ook in Brugge geïntroduceerd. Kopiëren was uitgesloten want we hebben niet de materiële en financiële ondersteuning van de overheid die Gent wel heeft. We doen het dus op basis van inzet en vrijwilligheid van een gans netwerk van partners. Vroeger kon het opstarten van een bij vonnis uitgesproken probatie (1) een paar maanden aanslepen. Dit nam te veel tijd in beslag. Bovendien leert de praktijk dat  een groot aantal beklaagden met een drugprobleem zich op de zitting bij mij gemotiveerd tonen om van de drugs af te geraken. Maar buiten zijn er te veel verleidingen... bovendien moeten we steeds voor ogen houden dat mensen met een drugprobleem meestal een zeer beperkte karaktersterkte en draagkracht hebben. Begeleiding en zeer kort op de bal spelen zijn sleutelbegrippen, daarom  wilden we ook die aanklampende aanpak in opvolging van Clean handhaven.  Bij een gewoon vonnis verliezen we die greep immers te veel.  We beseffen maar al te goed dat een drugprobleem aanpakken met  vallen en opstaan gebeurt. Als het bij Clean dus mislukt, kan het - mits de beklaagde voldoende gemotiveerd blijkt - in een drugsbehandelingstraject  alsnog slagen. In dergelijk geval  zou het dan ook niet goed zijn mocht ik als rechter niet willen mee stappen in die nieuwe poging.  Als we beslissen om de procedure te starten dan wordt de beklaagde tijdens de eerste zitting gevraagd om in te stemmen met de opstart van het traject en moet hij binnen de 7 dagen een afspraak maken bij de drughulpverlening.

gerechtsgebouw brugge web

Vandaele: Dat is dan het begin van een drugbehandelingstraject  van 8 maanden met minimum een drietal ijkmomenten. Eén van de voordelen is dat we de cliënt met een positieve inzet tijdens die periode kunnen “belonen”. Zijn effectieve bestraffing  kunnen we bijvoorbeeld veranderen in probatie of uitstel.  Soms volgt er zelfs probatie opschorting (naargelang de zwaarwichtigheid van de feiten en de resultaten van het doorlopen traject).

Voor die speciale rechtbank verschijnen niet alleen zaken van mislukte Clean-trajecten, maar evengoed personen die zwaardere feiten gepleegd hebben maar van wie gedetecteerd werd dat het problematisch gebruik de onderliggende oorzaak is?

Vandaele:
  Klopt. Veelal gaat het dan om gebruik dat leidt tot andere misdrijven. Eigenlijk is de naam Drugsbehandelingstraject hier in Brugge beter gepast dan DBK omdat het gaat om het monitoren en stimuleren van een weg die de beklaagde zelf moet afleggen.

Welke resultaten kunnen jullie voorleggen?

Dobbelaere:
De cijfers tonen dat iedereen beter wordt van deze aanpak. In 2014 werden er 34 trajecten behandeld. Van de 13 afgeronde dossiers kregen er 11 probatie. In twee gevallen volgde er opschorting en koos men op vrijwillige basis voor een hulpverleningsverhaal.  14 dossiers zijn nog lopende.  Bij amper 5 dossiers werd het traject voortijdig stopgezet.  

Heeft het drugbehandelingstraject nog pluspunten?

Vandaele: Het is een meerwaarde dat we voor de zwaardere gevallen de oprechte bereidheid van iemand kunnen aftoetsen. Wil de beklaagde effectief iets doen aan zijn drugprobleem? Uit ervaring weten we hoe iemand met een verhaal  van goede intenties (net werk gevonden,  kindje op komst) de rechter weet te overtuigen. Maar eenmaal de probatie een feit is, begint het te vaak te slabakken. Nu kunnen we na 8 maanden goed aftoetsen bij iemand die zwaar in de problemen gezeten heeft: is dit effectief probatie waard of probeert die persoon justitie een rad voor de  ogen te draaien?
Weymiens: Die persoon in kwestie moet natuurlijk behandelbaar zijn. Lukt het m.a.w. om naar De Sleutel te gaan. Is hij bereid om zich te laten behandelen?  We zijn en blijven trouwens in  een strafrechtelijke context. We mogen nooit uit het oog verliezen dat de beklaagde strafbare feiten gepleegd heeft waarbij er eventueel zelfs slachtoffers gevallen zijn. Wel is het zo dat het een win-win situatie is want een daaropvolgende probatie of een werkstraf hebben veel grotere slaagkansen als er eerst een 8 maanden durend positief traject aan vooraf gegaan is.
Vandaele: Het is ook positief dat we kunnen vooruitkijken. Je hebt die persoon opnieuw voor 8 maanden in een hulpverleningstraject gebracht. Omdat we weten dat het nog een tijd kan duren vooraleer een vonnis effectief uitvoerbaar is, kunnen we – vanuit die aanklampende visie - ook op dat moment een engagement vragen. We stellen voor dat deze persoon intussentijd op vrijwillige basis naar de hulpverlening blijft gaan. Eenmaal de probatie opgestart, kan de justitieassistent vragen of dit effectief gebeurde.

RECIDIVE DAALT
 
Weymiens: Het kan echt een win-win situatie zijn. Ik ben ervan overtuigd dat dit een betere aanpak is. We hebben te maken met mensen die feiten pleegden maar die ook een onderliggende hulpvraag hebben, waarin de hulpsector een positieve rol kan spelen.  Als de onderliggende hulpvraag kan aangepakt worden dan is de maatschappij daarmee ook gebaat  want dan beperkt dit op aantoonbare wijze de kans op recidive.
Dobbelaere: Uit de evaluatie van de drugbehandelingskamer in Gent blijkt inderdaad dat bij 80 % van de doelgroep de recidive daalt. Drie vierde recidiveerde niet in de eerste 18 maanden volgend op hun DBK-traject. Een kwart pleegde in die periode gemiddeld minder feiten dan voor de DBK.

weymiens vandaele webHoe zien jullie de toekomst van het drugsbehandelingstraject? En in hoeverre is het ontbreken van de liaison vandaag een nadeel?
Weymiens: De hulpverleningsinstanties moeten nu elk op hun domein de rol van begeleider en mentor/coach voor de beklaagde mee opnemen.  Het is pas op de zitting dat elk dossier voor het eerst aan bod komt en er fysiek met de beklaagde kan gesproken worden waarbij kan nagegaan worden of er bv. ook problemen zijn  met huisvesting, werk,…  Met een liaison is die voorbereiding allemaal al gebeurd. Omwille van het gebrek aan liaison moet de rechtbank er dus zelf veel meer tijd in stoppen, wat de verwerkingscapaciteit hindert. Het kan zijn dat een aantal probleemgebieden minder aan bod komen omdat de rechtbank uiteraard niet dezelfde grondige kennis van de hulpverlening heeft die een liaison wel heeft.

Dobbelaere:  Een liaison kan ook veel aanklampender werken. Die gaat letterlijk mee naar de eerste afspraak in de drughulpverlening. Die weet hoe iedere doorverwijzing loopt.  
Weymiens: En om een traject te doen slagen weet ik als rechter dat een engagement nodig is niet enkel op het vlak van middelengebruik maar ook op de andere levensgebieden.  Zonder die liaison wordt het nog belangrijker  om externe partners mee te krijgen, zoals OCMW (vb voor huisvesting, werk), Centra Geestelijke Gezondheid (voor onderliggende psychische problematiek), CAW,...  Anders slaag je er niet in die personen die soms aan de rand van de maatschappij leven, zich opnieuw te leren integreren waarbij ze bv. administratief opnieuw helemaal in regel geraken, een opleiding beginnen volgen…  Zoals gezegd hebben ook de samenleving en de slachtoffers  hier baat bij en gaat het om een win-win situatie. Jammer genoeg blijft de aanpak van de andere levensgebieden nu nog wat onderbelicht . Vandaar dat we op korte termijn de ondersteuning  binnen de welzijnssector wilden opstarten.

ROL VOOR JUSTITIEHUIS?

Vandaele: Ik hoop dat we in de toekomst ook het justitiehuis (vandaag geen bevoegdheid van Justitie meer maar van de Vlaamse Gemeenschap) in het drugbehandelingstraject kunnen betrekken. Als meerdere partners samen alle levensgebieden van iemand in een traject bekijken, zou het goed zijn, mocht de justitieassistent een coördinerende rol kunnen innemen, bijna zoals een coach met de cliënt zijn individuele doelen opneemt. Alle info zou op die manier in één dossier kunnen zitten.

Het pilootproject met de DBK in Gent is eigenlijk een bewezen goede praktijk. In september 2013, toen het  evaluatie-onderzoek werd gepresenteerd, kondigde Annemie Turtelboom (toen minister van Justitie) een mogelijke uitbreiding met Brugge aan. Toch is een echte uitrol niet mogelijk?

Dobbelaere: Het is inderdaad een goede praktijk. Intussen is er wel overleg geweest op diverse niveaus en kabinetten. Jammer genoeg blijken er geen centen te zijn voor de liaison, ook niet op Justitie.
Weymiens : We hebben destijds bewust al initiatief genomen op proefzorgniveau in afwachting van subsidiëring. We zijn dus vertrokken op eigen kracht. Eigenlijk kan de liaison hier vandaag gewoon instappen. Al bij al vind ik dat we goed bezig zijn. Spijts het ontbreken van een liaison, wat een echte meerwaarde zou betekenen en het ontbrekende stuk van de puzzel is, zie ik op alle vlakken een win-win. Zeker met de uitbreiding van onze partners naar Kompas,  MSOC , CGG, en ook het OCMW Brugge en Oostende. Er zal nu intensiever op  dossiers kunnen gewerkt worden. We streven er ook naar om 1 contactpersoon te hebben binnen elk OCMW. In september volgt een evaluatie.  

 

Paul De Neve (maart 2015)


(1)    Probatie is een begrip uit het Belgische strafrecht. Het betekent dat de rechter iemand kan verplichten om bepaalde voorwaarden  (vb het volgen van een behandeling) na te leven tijdens een proeftermijn. De probatie kan alleen worden toegestaan bij een opschorting van veroordeling of bij een uitstel van de tenuitvoerlegging van de straf. In beide gevallen kan de proeftermijn tussen één en vijf jaar liggen.

 

Aanverwante informatie:

"Ik kan weer recht in de spiegel kijken": een getuigenis

Aanpak Drugbehandelinskamer werkt! (inclusief evaluatie Onderzoek UG)

Justitie en drughulpverlening werken steeds beter samen: een actueel overzicht van de projecten waaraan De Sleutel participeert

Bundeling items rond Justitie

Van dwang naar eigen keuze

 



filmpjeimage

Inschrijven E-zine

Invalid Input

Gelieve akkoord te gaan met onze privacy overeenkomst.
Bekijk de privacy voorwaarden.

Agenda

Oktober
  • 7
    19:30 Dagcentrum Mechelen viert 25 jarig bestaan met Filmavond

    Dagcentrum Mechelen viert op maandag 7 oktober zijn 25-jarig bestaan met een filmavond. De viering wordt georganiseerd i.s.m. met het Filmhuis. Samen zetten we een parel van Gus Van Sant in de kijker: ‘Don’t Worry He Won’t Get Far On Foot.’ Een film die een mooi beeld schetst van een man in herstel. Hij maakt er het beste van, ondanks zijn beperkingen. Vooraf is er een receptie en om 20u30 vangt de film aan. Klik hier voor meer info 

  • Volledige agenda