De Sleutel Logo

Een OPNAME en MEERDERJARIG?
Bel 09 3606229
Meer info

 



Een OPNAME en MEERDERJARIG?
Bel 09 3606229
Meer info

 



Familie en vrienden

Op zoek naar tips voor iemand die dreigt in de problemen te raken? Welke tips geven we aan partners van gebruikers? Of zoek je info over zelfhulpgroepen? Hier bundelen we info op maat van de omgeving van de gebruiker. Lees hier ook hoe een behandeling bij ons verloopt.

woensdag 21 mei 2014 13:40

Multidisciplinair werken in De Sleutel: sociale dienst in de kijker

Binnen De Sleutel werken we multidisciplinair. Om deze werkwijze te verduidelijken laten we begeleiders uit één van onze afdelingen en disciplines hun verhaal doen.  Hoe beleven zij in de dagelijkse praktijk met cliënten de visie op verslaving van De Sleutel?

Om deze nieuwe reeks te starten, laten we Mieke Bleyaert aan het woord.  Mieke werkt op de sociale dienst van  de Therapeutische Gemeenschap voor dubbeldiagnose Gent (TGG).  TGG is een langdurig opnameprogramma dat zich richt naar cliënten die enerzijds kampen met een verslavingsproblematiek (vaak een langdurig bestaande polytoxicomanie) én anderzijds ook te maken hebben met een majeure psychiatrische aandoening waarvoor extra zorg in de behandeling noodzakelijk is (angst- en stemmingsstoornissen, psychotische stoornis, persoonlijkheidsstoornis, zwakbegaafdheid).

De Sleutel hanteert het biopsychosociale model. Wat betekent dat voor jou als je concreet met een bewoner aan de slag gaat?
Mieke: Mijn werk op de sociale dienst bestaat er hoofdzakelijk in om de problemen op te vangen die ontstaan zijn door het druggebruik. Problemen op financieel vlak en op administratief vlak. Maar evengoed praktische zaken inzake wonen of huisvesting. Samen met de bewoner bekijk ik dan welk antwoord we op dat probleem kunnen geven. We bekijken vanuit de Sociale Dienst m.a.w. hoe we die donkere wolken, die boven de bewoner zijn hoofd hangen, gaan wegwerken tegen het einde van het traject binnen onze afdeling. Het is dus onze bedoeling ervoor te zorgen dat er al heel wat minder belastende bagage in hun rugzak zit, als ze een volgende stap in hun behandeltraject zetten.


mieke bleyaert 014 web

Lukt dat?
Mieke:  Zeker wel. Ik denk aan het wegwerken van schulden. Dat kan je in stukjes onderverdelen. Je kan zeggen: “we gaan eerst bekijken welke schulden er zijn”. Je kan dat visualiseren door een lijst op te stellen. Vaak krijgen we bij het bekijken van dat lijstje een reactie van “Oei. Als ik dat hier allemaal voor mij bij elkaar zie liggen, zo’n som die ik nog moet afbetalen… Dat weegt wel zwaar …wat heb ik uitgestoken met mijn leven?”. Maar geleidelijk aan merken ze dat  de financiële chaos gestructureerd kan worden, bijvoorbeeld als we samen een afbetalingsplan opstellen. Dan beginnen de afbetalingen te lopen en zien ze het bedrag geleidelijk verminderen. We belichten dan voornamelijk wat ze al bereikt hebben. Dat geeft hen nieuwe  moed om door te gaan.

Op vlak van huisvesting?
Mieke: We zien vaak dat ze een huis achtergelaten hebben. Meestal is dat een ramp. Ze weten niet hoe ze dat kunnen aanpakken. Ze zien zich dat niet alleen te klaren.  Door het probleem kleiner te maken, onder te verdelen en ondersteuning te bieden -  dat kan op verschillende vlakken - maken we het probleem hanteerbaar.

Jullie hebben dus een belangrijke functie/taak in het bieden van perspectief: de bewoner opnieuw moraal geven, moed om het verder aan te pakken. Maar de sociale situatie uit het verleden weegt ook psychologisch  zwaar. Hoe werken sociale dienst en psychologische begeleiding  samen?
Mieke: Het is een zoeken… De persoon, de cliënt, die hier binnenkomt, kampt niet alleen met een drugprobleem. Die heeft zijn verleden mee… die staat hier voor een aantal uitdagingen. Tegelijk moet die persoon naar de toekomst kijken, naar zichzelf, met de beperkingen die aanwezig zijn. Het is belangrijk om als sociale dienst een lijn te vinden. Het is een zoeken naar hoe de last die bij mij op de sociale dienst besproken en bekeken wordt, verlicht kan worden. En dit samen met de individueel therapeut van die cliënt, samen met  de psychiater, met de groepswerker. Samen ervoor zorgen dat hun draagkracht groter wordt.
Maar wat is het draagvlak van een bewoner? Dat bepalen is heel moeilijk.  Op basis van resultaten van een IQ- en EQ-test kom ik  veel te weten. Zo schat ik bv in dat iemand niet zelf zijn telefoons kan doen: dat zal immers niet lukken. Door in team samen te werken, door te luisteren naar de anderen, weet je sneller wat haalbaar is en kan je het ook beter met de betrokken cliënt aankaarten. Dan kan je samen vaststellen dat iets niet goed lukt en zoeken naar een oplossing waardoor zaken wel zullen lukken.

Welke uitdagingen zie je opduiken bij zo’n multidisciplinaire aanpak?
Mieke: Op het eerste gezicht lijkt het makkelijker om binnen je eigen discipline te werken, zonder met de rest rekening te houden. In het begin dacht ik spontaan vooral vanuit de eigen sociale dienst. Maar dat blijkt snel een beperking te zijn en het is een minder positieve manier van werken. Die persoon bestaat uit meer dan enkel dat sociale. Vooral in het zoeken naar de draagkracht van een cliënt, heb ik input nodig van groepswerkers, van andere mensen van het team. Hoe is mijn cliënt bezig op de werkvloer,…hoe is hij in zijn communicatie? Het is zoeken, afgaande op eigen observaties, kijken hoe het verder kan,…  Hoe kan ik rekening houden met de moeilijkheden die er zijn? Hoe zorg ik ervoor dat mijn cliënt binnen zijn programma verder kan?

Soms lukt het om veranderingsgericht te werken, maar wellicht ook niet altijd?
Mieke: Als gevolg van de bijkomende problematiek van die dubbeldiagnose, kan het zijn dat de persoon een aantal dingen niet kan uitvoeren. Kan iemand die zwakker begaafd is,  wel in het gewone arbeidscircuit  werken, ook al wil hij dat zelf? Hij wil geen stempel krijgen door in een beschutte werkplaats te gaan werken.  Dat is begrijpelijk, maar hoe komt hij tot acceptatie van zijn reële mogelijkheden? Ik bespreek met hem zijn concrete ervaringen en probeer hiermee z’n kijk wat realistischer te maken. Een cliënt kan ervan overtuigd zijn, dat hij iets  kan, “Ik heb dat onder controle,… “. Zo heeft de bewoner bv het plan om 1 cd te kopen. Maar hij kan niet kiezen in de winkel en komt buiten met 7 cd’s! Door aan dit voorval te herinneren kon ik hem uitleggen hoe moeilijk het voor hem toch is. Maar ik probeer hem ook uit te leggen dat dit niet onoverkomelijk moet zijn. Want we zijn niet allemaal gelijk. De ene is goed daarin, de andere in iets anders. Samen gaan we dan op zoek naar iets dat de cliënt graag zou doen, op vlak van werk bv. Als iemand ervan droomt om de kost te verdienen als dierenarts, gaan we samen op zoek naar een zinvolle job met dieren. Misschien kan hij in een vogelasiel gaan werken of assistent van een dierenarts worden. Iets doen dat betekenis heeft voor hem en waardoor zijn leven toch nog zinvol wordt.

Zingeving is inderdaad belangrijk: het zoeken naar iets dat ons boeit, ons uitdaagt. Iedereen wil gerespecteerd worden. Hoe probeer je vanuit een sociale dienst de cliënt opnieuw zin te doen krijgen in een leven zonder drugs?
Mieke: Mensen die zich bij ons aanmelden, hebben vaak een minder realistische kijk op het echte leven van “Jan met de pet”.  Ze vullen dat veel te idealistisch in. Ze hebben een soort utopie voor ogen: ze denken aan een relatie met een knappe vrouw, een mooie auto, een groot huis,  af en toe op vakantie kunnen gaan. Ze vergeten vaak dat die auto wellicht op afbetaling is en dat die relatie misschien niet zo goed loopt… Het is een uitdaging om hen in te laten zien: ook al is je leven niet wat je gedacht hebt, toch is het zinvol. Soms lukt dat.
Dan zegt een bewoner :  “nu voel ik mij goed, minder gejaagd”. Hij moet zich niet altijd vergelijken  met de buurman. Als hij zelf maar tevreden is. Samen met de andere mensen uit het team kijken we naar wat een zinvolle dagbesteding kan zijn. Hoe deze cliënt nieuwe mensen kan leren kennen, in verenigingen,… En ook hoe je een beperkt budget als een uitdaging kan bekijken.

Mieke, waar droom je nog van?
Mieke: Dat we meer resultaat halen. Dat we het de mensen gemakkelijker kunnen maken om niet te hervallen.  Dat er meer mensen naar het tussenhuis gaan en minder mensen vroegtijdig stoppen. Want dat is zo jammer. Als ik ze zie terugkeren. .. Aan de andere kant heeft het ook zijn voordeel, .. Doordat ze te snel vertrokken zijn, worden ze vaak realistischer. Zo botsen ze op zaken die niet goed gingen en beseffen ze dat ze nog aan bepaalde zaken moeten werken. Terugval heeft nut als leerervaring, maar het doet wel altijd pijn. Het is in eerste instantie vanuit de sociale dienst de bedoeling om de donkere wolken die ontstaan zijn, zoveel mogelijk weg te werken. Zodanig dat ze daar niet door belast worden.

Robrecht Keymeulen

 

(mei 2014)

Het risico op verslaving aan zware pijnstillers wordt onderschat

Volg ons op Facebook

filmpjeimage

Inschrijven E-zine

Invalid Input

Gelieve akkoord te gaan met onze privacy overeenkomst.
Bekijk de privacy voorwaarden.